Cellenbroeders

De Stichting Het cellenbroedershuis, de Ellendige en andere Gevoegde Broederschappen kent een lange historie

In Nijmegen waren voor de verovering van de stad door prins Maurits op de Spanjaarden in 1591, vele (katholieke) broederschappen. Op last van Maurits werden de broederschappen tot één lichaam samengevoegd: de Ellendige en andere Gevoegde Broederschappen.
‘Ellendige’ uit de naam van het huidige cellenbroedershuis komt niet van akelig maar van ‘E-lendig’, ‘uitlandig’. Ellendige was de naam van de grootste broederschap die zich bezighield met de zorg voor (arme) pelgrims, op weg naar de bedevaartsplaats Santiago de Compostella.
Bij de inwoners van Nijmegen zijn de ‘Cellenbroeders’ beter bekend als ‘De Elend’

 

Moderne inzichten

De Cellenbroeders hadden moderne inzichten over het zo menselijk mogelijk behandelen van geesteszieken. Om ‘krankzinnigen’ tegen zichzelf te beschermen, gebruikten de Cellenbroeders de eerste -stoffen- dwangbuis in Nederland. De Nijmeegse methode kreeg officiële steun van de overheid en verwerd tot de landelijke aanpak.

Eind 19-e eeuw werd het oude Dolhuis aan de Pykestraat afgebroken en de Cellenbroeders belandden uiteindelijk in een pand aan de Sint Anthoniusplaats, niet ver van de Waal.
In de linkervleugel van dit inmiddels monumentale gebouw, werden ook weer twee cellen voor geesteszieken gemaakt. Tot de Tweede Wereldoorlog werden deze isoleercellen gebruikt voor crisisopvang van psychiatrische patiënten die wachtten op een plaats in een inrichting elders.